Alle spellen

Spelenderwijs Duits voor je kind

Misschien is Duits voor jullie de taal van de buren, of van familie over de grens. Elk spelletje van Play & Learn kun je in het Duits spelen, voorgelezen door dezelfde natuurlijke stem. Je kind hoort Duitse woorden bij onderwerpen die het al kent, zoals dinosaurussen, kleuren of tellen.

Zo werkt het

1

Kies hieronder een spelletje en tik op Spelen: het start meteen in het Duits.

2

Je kind speelt zoals altijd en hoort elk woord in het Duits. Lezen hoeft niet.

3

Weer in het Nederlands spelen? Zet de taal terug bij Opties, wanneer je maar wilt.

Spelletjes om in het Duits te spelen

De witte haai

Deutsch: Der Weiße Hai

  • Dierenwoorden: vin, kieuwen, kraakbeen, snuit
  • Groottes vergelijken: een haai, je kind, een volwassene en een auto
  • Op een wereldkaart vinden waar witte haaien leven

Dinosaurussen

Deutsch: Dinosaurier

  • Dinosauruswoorden: fossiel, herbivoor, carnivoor, paleontoloog
  • Lengtes vergelijken: dinosaurussen naast je kind, een volwassene en een bus
  • Planteneters en vleeseters sorteren

Leeuwen en de savanne

Deutsch: Löwen und die Savanne

  • Savannewoorden: roedel, manen, leeuwin, welp, drinkplaats, sporen
  • Lengtes vergelijken: een stokstaartje, je kind, een leeuw, een zebra, een struisvogel, een olifant en een giraf
  • Wie eet wat: vlees voor de leeuw, blaadjes voor de giraf, gras voor de zebra, beestjes voor het stokstaartje

Hoofdletters A–Z

Deutsch: Großbuchstaben A–Z

  • De 26 hoofdletters kennen, van naam en van vorm
  • Elke hoofdletter lijn voor lijn schrijven, in de gebruikelijke volgorde
  • Een letternaam horen en de juiste letter vinden

Letterklanken

Deutsch: Laute der Buchstaben

  • 16 letters, van B tot Z, koppelen aan de klank vooraan in een woord
  • De eerste klank van een woord horen, zoals de mmm van maan
  • Horen of twee woorden met dezelfde klank beginnen of niet

Tellen tot 10

Deutsch: Zählen bis 10

  • Tot 10 dingen tellen, één getal voor elk ding
  • Een getal koppelen aan een groepje: stippen, vingers en plaatjes
  • De cijfers 0 tot 10 schrijven met een vinger

Kleuren

Deutsch: Farben

  • 11 kleuren benoemen: rood, oranje, geel, groen, blauw, paars, roze, bruin, zwart, wit en grijs
  • Kleurwoorden gekoppeld aan dingen: een rode aardbei, een gele banaan, een grijze olifant
  • Verf mengen: rood en geel maken oranje, blauw en geel maken groen

Vormen

Deutsch: Formen

  • 8 vormen benoemen: cirkel, vierkant, driehoek, rechthoek, ovaal, ster, hart en ruit
  • Hoeken en zijden tellen: drie bij een driehoek, vier bij een vierkant, zes bij een zeshoek, geen bij een cirkel
  • Woorden voor 3D-vormen: kubus, bal (bol), kegel en cilinder

De ruimte

Deutsch: Der Weltraum

  • Ruimtewoorden: ster, planeet, astronaut, raket, komeet
  • Waarom er in de ruimte geen lucht en geen geluid is, en waar het maanlicht vandaan komt
  • Groottes vergelijken: de maan, Mars, de aarde, Jupiter en de zon

Weer en seizoenen

Deutsch: Wetter und Jahreszeiten

  • Acht weerwoorden: zon, bewolkt, regen, sneeuw, wind, mist, onweer en regenboog
  • De waterkringloop: de zon verwarmt water, het stijgt op, wordt een wolk en valt weer naar beneden als regen
  • De vier seizoenen: bloesem in de lente, zon in de zomer, vallende bladeren in de herfst en sneeuw in de winter

Gevoelens

Deutsch: Gefühle

  • Acht gevoelens benoemen: blij, verdrietig, boos, bang, verrast, rustig, trots en verlegen
  • Gevoelswoorden om hardop te zeggen: ik ben verdrietig, ik ben trots
  • Raden hoe een ander zich voelt, en dat twee mensen iets anders kunnen voelen

Gezonde gewoontes

Deutsch: Gesunde Gewohnheiten

  • Waarom we poetsen en wassen: bacteriën op tanden en handen, en hoe poetsen, zeep en water ze weghalen
  • Een regenboog eten: fruit en groente in rood, oranje, geel, groen, blauw en paars
  • Woorden over eten en je lichaam: broccoli, komkommer, blauwe bessen, handpalm, vingertoppen, melktanden

Vragen van ouders

Haalt mijn kind Duits en Nederlands niet door elkaar?

Daar hoef je niet bang voor te zijn: van twee talen raken kinderen niet in de war, en woorden uit beide talen mengen is een normale fase. Je kind speelt telkens in één taal, en jij bepaalt welke. Wissel gerust: speel een spelletje eerst in het Nederlands en daarna in het Duits.

Moet mijn kind kunnen lezen?

Nee. Elk woord wordt voorgelezen, in het Duits net zo goed als in het Nederlands. De spelletjes zijn gemaakt voor kinderen van 3 tot 7 jaar, dus ook kinderen die nog niet lezen kunnen zelf spelen.

Leert mijn kind hiermee Duits spreken?

Play & Learn is geen taalcursus. Het is een speelse, extra kennismaking met Duits naast wat je kind al doet. Het eerste spelletje van elke categorie is gratis, dus je kunt rustig uitproberen of het bij je kind past.

Tips voor ouders

  1. Wijs je kind op woorden die bijna hetzelfde klinken, zoals Hund en hond of Katze en kat. Zoek samen naar meer van zulke woorden: dat is een spelletje op zich.
  2. Gaan jullie bij Duitse familie of over de grens op bezoek? Speel er vooraf samen een spelletje in het Duits, dan klinken sommige woorden straks al bekend.
  3. Houd het kort en vrolijk. Eén spelletje is genoeg, en stop terwijl het nog leuk is.

Taal